Wijnen uit Amarone della Valpolicella

De Amarone della Valpolicella DOCG is een van de beroemdste Italiaanse rode wijnen, voornamelijk gemaakt van Corvina, Molinara en Rondinella, druiven die worden geteeld in het Valpolicella-gebied, tussen het Gardameer en de stad Verona in Veneto, die ook worden gebruikt bij de productie van alle Valpolicella-wijnen. Kracht en concentratie gaan hier hand in hand.
Categorieën
Rode wijn (20)
Wijnen per land en streek
Smaak
Rood: Stevig, Bite, Complex, Gastronomisch (11)
Rood: Veel smaak, Rond, Toegankelijk (1)
Druif
Corvina (20)
Corvinone (5)
Croatina (2)
Molinara (11)
Oseleta (5)
Rondinella (19)
Sangiovese (5)
Jaar
Eigenschappen
Prijs

Amarone della Valpolicella is een intens gearomatiseerde droge rode wijn gemaakt van gedroogde druiven. Hij is  gemaakt in de regio Veneto in het noordoosten van Italië.  Één van de meest prestigieuze rode wijnen van de regio. Hoewel met name Amarone-wijnen uit de Classico-zone vaak zijn omschreven als het toppunt, zijn er veel topproducenten die buiten de Classico-zone opereren. Romano dal Forno is waarschijnlijk de beroemdste.

De Amarone-stijl ontwikkelde zich toen de wijnmakers van Veneto naar een manier zochten om de body, de complexiteit en het alcoholgehalte van hun wijnen te vergroten. Zoals blijkt uit de hedendaagse rode wijnen Valpolicella en Garda, kunnen wijnen gemaakt van lokaal geteelde Corvina, Corvinone (nu geïdentificeerd als een aparte variëteit), Rondinella, de weer oplevende Oseleta en de steeds meer uitgefaseerde Molinara soms te licht zijn om voldoening te geven. Deze drie pijlers van de Valpolicella-wijngaard staan ​​niet bekend om hun concentratie. Dit is wel een tekortkoming die wordt verergerd door de koele groeiomstandigheden in het westen van Veneto. Om de natuurlijke suikers en aromaten in Valpolicella-wijnen te concentreren, begonnen lokale producenten hun druiven na de oogst te drogen. Dit om het water uit de bessen te verwijderen met behoud van zoetheid en smaak.

Corvina-druiven ondergaan ‘appassimento’

Deze techniek bleek zeer succesvol, hoewel men het aanvankelijk gebruikte om zoetere wijnstijlen te produceren. Die staan nu bekend ​​als Recioto della Valpolicella. De vroege amarone-wijnen zag men in eerste instantie als een fout.  Een recioto die te lang doorgistte.  Maar uiteindelijk kreeg de stijl erkenning en respect. De druiven plukt men in hele trossen en bewaard in droogkamers (met warme temperaturen en lage luchtvochtigheid) waar ze drie weken tot drie maanden blijven.

Traditioneel zijn de druiven gedroogd op stromatten  in het warmste deel van het huis of de wijnmakerij.  Echter  moderne technologie heeft stro vervangen door staal en hokken met pallets. Wanneer het droogproces (in het Italiaans bekend als appassimento) is voltooid, persen ze de druiven voorzichtig. Het hoge suikergehalte van de druiven betekent een hoger potentieel alcoholgehalte. Een volledige gisting resulteert dan dus in een sterke wijn van 15 of 16 volumeprocent alcohol. Dit laat men vervolgens rijpen in vaten (traditionele grote botti worden nu vervangen door kleinere Slavische eikenhouten barriques). Na pas twee jaar geeft men dit commercieel vrij.

Standaard Amarone della Valpolicella kan overal binnen de bredere Valpolicella-zone zijn gemaakt, maar die uit de wijnbouwkundig superieure classico en Valpantena-subzones kunnen als zodanig zijn  bestempeld.

Het productieproces van amarone creëert een soort wijnachtig bijproduct. In plaats van de gedroogde druivenschillen weg te gooien (of ze te gebruiken voor distillatie tot grappa), gebruiken vindingrijke wijnmakers ze om diepte en complexiteit toe te voegen aan hun standaard Valpolicella-wijnen. De wijn en druivenschillen ondergaan samen een tweede gisting,  waardoor de Valpolicella Ripasso ontstaat.